Weet jij waar de sterren zijn?

Als we kleuterdochter vragen wat voor dag het is, roept ze standaard ‘dinsdag!’. Een keer in de week heeft ze het goed, en dat vindt ze wel prima. Grotere broer en zus liggen elke keer weer in een deuk en vragen zich af, ‘hoe kun je nou niet weten wat voor dag het is?’. Oudste dochter weet te melden dat zij dit al heel jong wel wist. “Want op dinsdag en donderdag ging ik naar de peuterspeelzaal.” Jongste dochter: “Nou en?” Ook zo’n standaard uitspraak. Het interesseert haar gewoon niet. Zoals wel meer dingen. Daardoor zou je makkelijk kunnen denken dat ze minder slim is dan haar broer en zus. En dat maakt eigenlijk ook niks uit, elk van onze drie kinderen is uniek en heeft zijn of haar bijzondere talenten. Zo is kleuterdochter bijvoorbeeld heel goed in tijd rekken met naar bed gaan. Daarbij weet ze haar temperament goed te gebruiken om altijd nog een slokje water los te krijgen of soms zelfs nog een crackertje of andere min of meer gezonde snack. “Maar dan ga je wel echt in bed liggen en proberen te slapen?” Met haar liefste gezichtje (in haar geval het hoofdje een beetje schuin, grote ogen opzetten en een neplach) belooft ze dat natuurlijk te doen. Als ik dan nog wel een verhaaltje voorlees. Of nee, wacht, twee! Dat doe ik dan maar om drama te voorkomen. In haar favoriete boek Kolletje vraagt het gelijknamige meisje zich af waar de sterren overdag zijn. “Weet jij dat mam?” Ik wil snel door, heb nog genoeg te doen. Dus mompel ik “nou nee, maar luister nou maar.” Dat doet ze natuurlijk niet. “Ik weet het wel hoor mam, zal ik jou dat eens uitleggen?” Ze wacht niet op mijn antwoord en steekt van wal. “Ik weet waar de sterren naartoe gaan als het hier dag is. Dan zijn ze in de lucht van Aruba, want daar is het nacht als wij naar school gaan.”
Trots kijkt ze mij aan. Ze mag dan wel niet weten wat voor dag het is, maar wel waar de sterren zijn ūüôā

wpid-20151012_193852.jpg

Advertenties

De dag gezellig afsluiten of met strijd naar bed gaan?

“Ik wil niet naar bed!” Jongste dochter zet haar handen in haar zij en kijkt me uitdagend aan. Het is al 19.00 uur geweest. “Ik ga alleen mee, als ik nog een snoepje mag.” Ze is in topvorm. De soepstengel die ik aanbied wordt dan ook keihard afgewezen. Uiteindelijk gaat ze mee met een crackertje, “maar dan wil ik wel op jouw rug”. Haar broer zit al te wachten in zijn pyjama. We lezen een boekje, terwijl zijn zusje luidruchtig met de barbies speelt. “Mam, luister je wel?” Eigenlijk niet, ik was aan het bedenken hoe ik zijn zusje zo snel mogelijk in slaap krijg. Dit voelt niet goed. Ik ben te veel bezig met strijden, terwijl ik de dag juist gezellig wil afsluiten.

Met oudste dochter gaat dat prima, we vullen samen haar dagboekje ‘Slaapklets’ in, ik overhoor haar als ze toetsen heeft en we kletsen nog wat. Zoonlief schiet er vaak bij in. Een typisch middelste kind. Hij heeft ook een dagboekje, maar vaak heb ik geen tijd om daar nog naar te kijken. Dan ben ik alweer aan het strijden met de jongste. Vanaf morgen doen we het anders! Manlief oppert dat we het beste ieder kind apart naar bed kunnen brengen. Door zijn onregelmatige diensten komt de uitvoering hiervan meestal bij mij terecht. Wat ik prima vind, maar dan wel zonder strijd. Dus kleine diva gaat als eerste naar boven, en ik verkoop dat aan haar met een eigen dagboekje. Er is namelijk net een nieuwe slaapklets uit, speciaal voor kleuters.

Ik trek voor elk kind een half uur uit, waarin ze mijn onverdeelde aandacht krijgen. De oudste twee kunnen zichzelf nog prima vermaken als ik met de jongste bezig ben. Theoretisch gezien zou ik dan om 20.30 uur op de bank kunnen ploffen. De praktijk is iets weerbarstiger, maar het slaapkletsnaar bed gaan verloopt in ieder geval een stuk rustiger. Jongste dochter staat te trappelen, zo leuk vindt ze haar eigen Slaapklets. Ze wordt alleen een beetje hyper van sommige opdrachten, dus heb ik ook nog een boekje voorlezen toegevoegd aan ons ritueel. Half uur vliegt voorbij. Dan is het tijd voor zoonlief. Ik hoor nu echt ¬†wat hij voorleest en samen vullen we zijn dagboek in. “Waarom wil je dat allemaal weten?” Hij moet even wennen aan zijn nieuwsgierige moeder. Maar al snel hebben we waardevolle gesprekjes. Met oudste dochter had ik al een fijn ritueel, maar zat ik vaak¬†gestrest¬†op haar bed, nog bij te komen van de strijd met jongste. Nu niet meer.

Ik ben blij dat ik ons ‘naar bed gaan ritueel’ op de schop heb gegooid. En dat gezinnig van die leuke boekjes heeft die daarbij helpen. Op mamsatwork schreef ik over Slaapklets voor kleuters en kun je een boekje winnen!

Wat is jouw ‘naar bed gaan ritueel’? En lukt dat zonder strijd?

Hoe hou je het leuk aan tafel?

‘Blijf je even zitten?’ ‘Zit nou niet zo te spelen met je eten!’ ‘Nee, je mag nog niet van tafel!’ ‘Doe nou geen boontjes in je drinken, dat is vies.’ Herkenbaar? Soms voel ik me zo’n zeurmoeder tijdens het avondeten. Maar alles helemaal loslaten en iedereen maar z’n gang laten gaan druist ook tegen mijn gevoel in. Als mijn man er is, loopt het meestal wel vanzelf. We praten wat, hij neemt de helft van het ‘zeuren’voor zijn rekening en de sfeer is goed. Alleen is hij er niet altijd, doordat hij in ploegen werkt. Dan draai ik die avondspits alleen en wil ik na mijn werk en het eten in elkaar gedraaid te hebben, het gewoon gezellig hebben aan tafel. En dus niet de zeurmoeder uithangen.
tafelkletsIk kwam het boekje ‘tafelklets ‘ tegen. Nu is ‘slaapklets’ van dezelfde uitgever bij mijn oudste een groot succes, dus mijn verwachtingen waren hoog. ‘He mam, je mag niet lezen aan tafel!’ Klopt, maar hiervoor maken we een uitzondering.

De eerste keer is het even wennen, en ook even strijden over wie welke kleur heeft. Iedereen aan tafel heeft zijn eigen kleur en zo zie je wie wat heeft ingevuld. Het lijkt mij wel handig als ik het schrijfwerk doe. Daar is mijn kroost het uiteraard niet mee eens, maar na enig onderhandelen kan de pret dan beginnen.

tafelklets3

We mogen een aantal sterren voor de maaltijd geven. Ik vrees dat ik keihard word neergesabeld als kok, maar mijn kinderen zijn mild in hun beoordeling. Met tafelklets  wordt het eten niet lekkerder, maar het wordt wel gezelliger aan tafel. De vragen en opdrachten zijn leuk en origineel. Het kost weinig tijd om in te vullen, dus ook als er nog balletlessen na het eten op het programma staan is het haalbaar. Soms praten we langer door over de opdrachten en vragen. Soms is het alleen even invullen. Ik vind het leuk om te zien hoe de smaak van mijn kids verschilt. De ene keer zijn de sperzieboontjes van zoonlief niet meer waard dan een 2 en een andere keer een dikke 8. Ook wel logisch, soms komen ze uit een potje en soms vers van de groenteman. De sfeer is weer goed, ook als papa er niet is. Dus ligt tafelklets vanaf nu standaard bij ons op tafel.

tafelklets2

Temperament is een zegen!

Dacht ik bij mijn eerste kind nog, ‘wat leuk, ze weet echt goed wat ze wil’, bij mijn derde is de lol van een sterke¬†eigen wil er wel een beetje af. Je zou denken dat we met onze oudste dochter genoeg ervaring met Diva-gedrag hebben opgedaan om de driftbuien bij jongste dochter snel de kop in te drukken, maar niets is minder waar. En ondertussen loopt er ook nog een gevoelige zoon rond, die ook wel weet wat hij wil, en vooral niet wil. Ik speur dan ook het internet af op zoek naar tips en trucs bij het opvoeden van mijn drie kinderen. Het boek van een van mijn favoriete ‘opvoedkundigen’ Eva Bronsveld over temperamentvolle kinderen komt als geroepen. De hele herfstvakantie ben ik alleen met mijn drie schatjes en kan ik wel wat opvoedtips gebruiken. Haar boek is¬†een feest van herkenning! Bijzonder om te lezen dat ik van alledrie mijn kinderen wel eigenschappen herken. Heb ik weer. Niet een, maar gewoon drie temperamentvolle kinderen. Het mooie van dit boek is dat ik deze eigenschappen positief ga zien. En dat is mooi meegenomen. Al bij bladzijde 20 zie ik mijn jongste dochter niet meer als lastig, maar als een gevoelig, sociaal, enthousiast, kritisch en vastberaden meisje. Maar hoe ga ik om met die mooie eigenschappen in de ochtendspits? Als mijn enthousiaste dame haar zinnen heeft gezet op haar slippers en vastberaden is om deze naar school te dragen? In de regen, op een herfstdag. Terwijl mijn standvastige zoon niet van plan is zijn nieuwe jas aan te doen, want ‘die zit niet fijn’¬†en mijn oudste dochter vastberaden is om alleen op de fiets naar school te gaan, haar sleutels al in haar hand. Op die momenten is het fijn dat ik deze eigenschappen positief zie, maar ze zorgen er niet voor dat we op tijd op school komen. Al lezend in het boek van Eva Bronsveld ontdek ik dat het elke dag een uitdaging is om in de behoeften van mijn temperamentvolle kinderen te voorzien. ¬†Een echte eyeopener is bijvoorbeeld de tip ‘Rustig worden is de enige prioriteit’. Dus als mijn jongste dochter uit haar plaat gaat omdat ze niet nog een koekje mag, ga ik dat niet staan uitleggen. Ik zorg eerst voor rust. En dat werkt bij haar het beste door even een dikke knuffel in te lassen, gewoon midden in die boze bui. Best raar, het voelt alsof ik haar beloon voor haar driftige gedrag. Maar ik geef haar het koekje niet, ik help haar de¬†heftige emoties onder controle te krijgen. En zo kwam ik wel meer fantastische tips tegen in het boek, die ik niet ga bespreken. Lees het boek zelf maar! ¬†Alle adviezen kun je namelijk ook heel goed gebruiken bij ‘gewone kinderen’. Zodat je nog fijner samen kunt leven. Inmiddels vind ik het temperament van mijn kinderen geen last meer, maar een zegen. Tenminste, op de dagen dat alles lekker op rolletjes loopt ūüôā

Het nieuwste boek van Eva blijft op mijn nachtkastje liggen, haar website staat bij mijn favorieten!

‘Temperamentvolle kinderen’¬†temperament

  Auteur: Eva Bronsveld

  • ¬† Nederlands
  • ¬† 256¬†pagina’s
  • ¬† Kosmos Uitgevers
  • ¬† september 2014

‘Wat denk je zelf’

‘Mam, wat zit er eigenlijk onder de grond?’ Mijn zoon (bijna 7) kan de leukste vragen stellen, op de gekste momenten. Dit was bijvoorbeeld in de auto onderweg naar zwemles. Als je dus niet even kunt googlen naar het antwoord. Mijn favoriete tactiek is om de vraag terug te kaatsen. Bijvoorbeeld als ik het antwoord niet weet, maar ook om mijn kids zelf aan het denken te zetten. Nu was mijn reactie dan ook: ‘wat denk je zelf?’ Nou dat wist hij wel, allemaal verschillende soorten grond in lagen en dan helemaal binnenin lava. Ik reken ‘m goed. En terwijl hij in het water plonst, mijmer ik nog even over hoe leuk ik het vind als hij met dit soort vragen komt. Ook zijn oudste zus kan er wat van. Het liefst vlak voor ze naar bed gaat, als ze mij helemaal voor zichzelf heeft en kleine broer en zus al slapen. “Hoe denk jij dat de hemel eruit ziet?” Natuurlijk antwoord ik hier ook weer op met ‘wat denk je zelf?’ En samen filosoferen we er dan lekker op los. Mooie momenten zijn dat, die ik koester, want te vaak dwalen mijn gedachten af naar alles wat ik nog moet doen zodra ik mijn handen vrij heb. Maak ik in mijn hoofd ‘things to do’ lijstjes, terwijl ik eigenlijk die kostbare tijd moet gebruiken om met mijn kinderen te praten. Echt te praten. Ik besluit om mezelf een cadeau te doen, dat al lang op mijn verlanglijstje staat. Ik bestel ¬†‘Slaapklets’. Ik ben benieuwd of we zo tot nog meer mooie gesprekken komen.

Slaapklets!_cover